Al vanaf 10.000 vóór Christus werd er volop gejaagd en gevist in Estland. De Esten aten dan ook vooral vlees en vis. In de kustgebieden werd bijna elke dag wel vis en/of schaal- en schelpdieren gegeten.

Verder waren de Esten ook goed in het verzamelen van o.a. bessen en granen. Later werden de granen vervangen door oliehoudende zaden, gerst en rogge. Roggebrood en zuivelproducten als zure room en karnemelk werden heel populair in Estland.

Conserveren en bereiden van eten

De vis werd vooral gerookt en gedroogd. Maar het werd ook gezouten. Dit laatste, om het langer goed te kunnen houden. Zout werd gebruikt en, na 1000 na Christus, ook veel verkocht als conserveringsmiddel.

Eten werd lang gekookt en er werd weinig gebruik gemaakt van kruiden.

Drank

Belangrijke drankjes waren toen al bier en typisch Ests is Kali, een drankje dat gemaakt werd op basis van water, roggemeel en mout. Bij de bereiding werd gebruik gemaakt van o.a jeneverbessen en takken van de zwarte bessenstruik.

Sobere keuken

Nog tot vóór de 19e eeuw waren met name de boeren in Estland heel arm. Ze moesten ook nog eens een deel van hun eigen opbrengst afstaan aan de landeigenaren, zodat ze zelf bijna niets over hielden. Helaas was er in Estland nog steeds een tekort aan ingrediënten. Daardoor waren hun eetgewoontes heel sober. Het eten dat in de winkel verkrijgbaar was, werd steeds eenzijdiger. Daarom kwamen veel Esten aan eten door (ruil)handel te drijven en door zelf hun ingrediënten te verbouwen of door zelf hun vis te vangen.

Ze aten vooral roggebrood met koud beleg of pap en maaltijdsoepen, zuurkool, koolraap, rivierkreeftjes en rode bieten. Sommige gerechten werden vaak gezoet met honing. In eerste instantie haalden de boeren dat uit het bos. Later hadden ze bijen die voor honing zorgden.

Nieuwere invloeden

De Estse keuken wordt vooral beïnvloed door Duitsland, Zweden en Rusland. In de 19e eeuw werden o.a. aardappelen, tarwe, rijst, suiker en specerijen steeds belangrijker en een eeuw later werden koffie en tomaten erg populair. Ook ontstond langzamerhand het eten in blik. Pas vanaf 1995 kwamen er supermarkten in Estland. Uit o.a. Zuid Europa en het Midden-Oosten kwamen producten Estland binnen. Met deze producten ontstond er weer een nieuwe keuken.