Bij de Grieken waren graan, olijfolie en wijn vroeger de belangrijkste producten op culinair gebied. Het werd ook wel de mediterrane drie-eenheid genoemd. Op het Griekse vasteland waren de eetgewoontes heel sober, omdat er een schaarste was aan voedsel van het land.

De belangrijkste granen in Griekenland waren tarwe, spelt en gerst. De Grieken begonnen met het bakken van brood. Later gingen ze ook verschillende soorten gebak en koek te bakken van deze granen. Daarnaast werden de granen gekookt en bij allerlei groenten, vlees en vis gegeten.

Om het eten op smaak te brengen werden veel mediterraanse kruiden, olijfolie en azijn gebruikt. Met lekkernijen als rozijnen, vijgen en honing werden zoete aspecten aan de maaltijd toegevoegd.

Griekse olijven

Dan zijn er natuurlijk nog de beroemde Griekse olijven. Eventuele bitterheid van de olijven werd met zout of as weggehaald. Met een scherp voorwerp werd de olijf ingekerfd en sommige Grieken kneusden de olijven, door er met een houten voorwerp op te slaan. Hierbij was het wel de bedoeling dat de pit intact zou blijven.

Als ontbijt aten de Grieken gerstebrood, dat ze in wijn doopten. Soms werden daarbij vijgen gegeten.

De lunch bestond uit warme gerechten en het avondeten was eigenlijk de belangrijkste maaltijd van de dag. Pas na zonsondergang werd er gedineerd.

In het zuiden van Griekenland was zwarte soep van spek, zout, en azijn erg populair. Dit werd dan gegeten in combinatie met vijgen en kaas. Soms aten de mensen er ook wild bij. In het hele Middellandse zeegebied, de Balkan en de Kaukasus ontstond er de gewoonte om ’s middags, samen met familie en/of vrienden gezellig bij elkaar te komen en met z’n allen te genieten van verschillende hapjes, waarbij een bijpassend drankje natuurlijk niet kon ontbreken. In het Grieks heette dit Mezé, maar wij kennen het beter als tapas.

Water was populairste drank

Je zou het misschien niet geloven, maar water was vroeger in Griekenland de meest populaire drank. Van water werd kruidenthee gemaakt, wat ook weer veel gedronken werd. Wat in Griekenland verder populair was, was geitenmelk en verschillende rode en witte wijnen. Een typisch Grieks drankje dat wij nog kennen is het anijsdrankje ‘Ouzo’, met een alcoholpercentage van 40 tot 44 procent.

Vroeger aten de vrouwen en mannen meestal apart. Eerst gingen de mannen eten. Ze werden dan door de vrouwen of, als ze die hadden, door slaven bediend. Als de mannen klaar waren met eten, waren de vrouwen en kinderen aan de beurt.

’s Avonds, na het eten gingen de mannen meestal nog gezellig bij elkaar zitten om met elkaar wat te drinken.